De Franse Motor

Franse Motor

De Franse Motor: een Marshallplan-schip met een uniek verleden

 

Binnen de Europese binnenvaart bestaan scheepstypen die niet alleen herkenbaar zijn aan hun uiterlijk, maar ook een bijzonder verhaal met zich meedragen. De Franse motor is daar een uitstekend voorbeeld van.

 

Dit type motorschepen werd gebouwd in de jaren direct na de Tweede Wereldoorlog, toen Europa voor een enorme uitdaging stond: het herstel van economie, infrastructuur én de binnenvaartvloot.

 

Marshallplan en wederopbouw.

Na 1945 was een groot deel van de Europese handelsvloot beschadigd of verloren gegaan. Binnenvaart speelde echter een cruciale rol bij het vervoer van grondstoffen, voedsel en bouwmaterialen. Om deze transportcapaciteit snel te herstellen, werden via het Marshallplan nieuwe schepen geleverd aan verschillende landen.

 

Frankrijk ontving in dat kader een serie motorschepen die later bekend werden als de Franse motoren.

 

 

 

Gebouwd in Canada en de Verenigde Staten.

Wat deze schepen extra bijzonder maakt, is dat ze niet in Europa werden gebouwd, maar in Noord-Amerika. In totaal ging het om 117 motorschepen, gefabriceerd in Canada en de Verenigde Staten.

 

  • De Grote Franse Motor (73 meter): hiervan zijn er 25 gebouwd in de VS  en 22 in Canada.
  • De Kleine Franse Motor (63,30 meter): hiervan zijn er 70 gebouwd in Canada 

 

Na oplevering kwamen ze onder Franse vlag in de vaart en werden ze ingezet op de Franse en West-Europese vaarwegen.

 

Ontwerp en bouw: internationale samenwerking.

Het ontwerp van de Franse motor kent een gemengde oorsprong. Voor het grote type werd een ontwerp geleverd door de Zwitserse scheepsbouwmeesters uit Bazel. De casco’s en bouwpakketten werden vervolgens in Noord-Amerika geproduceerd en naar Europa verscheept.

 

Tegelijkertijd zijn veel schepen in Nederland afgebouwd en deels zelfs volledig gebouwd, met name op scheepswerf De Biesbosch in Dordrecht. Daarmee is de Franse motor niet alleen een product van buitenlandse hulp, maar ook een voorbeeld van Europese en Nederlandse scheepsbouwkracht in de wederopbouwperiode.

 

Tot op de dag van vandaag trekken ze de aandacht van binnenvaartliefhebbers en spotters, juist vanwege hun herkenbare uitstraling en historische betekenis.

 

Marshallplan vs. Franse Staatsopdracht.

Hoewel de schepen vaak in één adem worden genoemd met het Marshallplan (omdat ze symbool staan voor de wederopbouw), is de financiering technisch gezien iets specifieker. De Franse regering (onder de Office National de la Navigation) plaatste de orders al in 1946, vlak vóór de officiële start van het Marshallplan in 1948. Ze werden betaald uit Franse kredieten en vroege Amerikaanse leningen voor de wederopbouw.

 

Varend erfgoed.

Hoewel veel Franse motoren inmiddels verdwenen zijn, bestaan er nog steeds exemplaren die bewaard zijn gebleven. Sommige varen nog, anderen liggen als museumschip of zijn omgebouwd voor een nieuw doel.

 

De Franse motor is daarmee niet alleen een schip, maar ook een tastbaar symbool van de naoorlogse wederopbouw.

Commentaren: 0